Beleidsdocumenten

Inspectiekader 2021 - primair onderwijs

  • 6 jul
  • PPO-NK
  • 1
  • 124

Vanaf 1 augustus gaat de Inspectie van het Onderwijs werken met herziene onderzoekskaders in het primair onderwijs, het (voortgezet) speciaal onderwijs, het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs.

De Inspectie van het Onderwijs voert haar toezicht uit aan de hand van onderzoekskaders. Hierin staat beschreven waar we toezicht op houden en hoe we dat doen.

Ieder jaar worden de kaders bijgesteld om nieuwe wetgeving te verwerken.

Daarnaast herzien we de kaders periodiek. In 2017 hebben we met het Onderzoekskader 2017 de uitgangspunten van het toezicht aangepast. Het toezicht werd bestuursgericht. We spraken toen af de werking van het onderzoekskader te evalueren en brachten periodiek voortgangsrapportages uit.

We hebben het toezicht geëvalueerd in het onderwijsveld, de samenleving en intern. Ook hebben we de Radboud Universiteit gevraagd een evaluatieonderzoek uit te voeren.

Op basis van deze evaluaties hebben we het kader herzien. Vanaf 1 augustus 2021 gaan we werken met dit herziene kader.

Er zijn aparte kaders voor:

In elk kader zijn als bijlagen de specifieke toepassingen opgenomen, zoals bijvoorbeeld samenwerkingsverbanden passend onderwijs (funderend) of doorlopende leerroutes vmbo-mbo.

Hoe komt het toezicht eruit te zien?

Vierjaarlijkse onderzoeken bij besturen

We voeren vierjaarlijkse onderzoeken bij besturen uit. We richten die onderzoeken proportioneel in, in aansluiting op het bestuur.

Verificatie-activiteiten

Om de sturing van het bestuur te onderzoeken, voeren we verificatie-activiteiten uit. Deze verificatie-activiteiten kunnen plaatsvinden op scholen en opleidingen en door gesprekken met diverse geledingen die een belangrijke rol spelen in de realisatie van kwaliteit. Een belangrijk verschil met het Onderzoekskader 2017, is dat verificatie-activiteiten op scholen en opleidingen niet leiden tot oordelen over school- en opleidingsstandaarden.

Signalen en risicoanalyses

Bij proportionaliteit in het toezicht hoort dat we meer informatie verzamelen over mogelijke risico’s. Signalen over het onderwijs die bij ons binnenkomen, krijgen dan ook een prominentere plaats in onze werkwijze en in de risicoanalyses die we jaarlijks van scholen en opleidingen maken. In de praktijk zullen we tijdens bestuursgesprekken onder andere vragen hoe u omgaat met signalen en klachten die bij u binnenkomen over het onderwijs aan uw scholen en opleidingen.

Als er knelpunten of risico’s zijn in de kwaliteit sluiten we aan bij wat het bestuur doet of al heeft gedaan om deze te verhelpen. We vragen het bestuur te onderbouwen welke maatregen genomen zijn en bij risico’s die ontstaan kunnen we besturen vragen (deels) zelf de risico’s te onderzoeken en zich daarover te verantwoorden. Afhankelijk van de aard van de risico’s en signalen kunnen we ook besluiten zelf onderzoek te doen bij een school of een opleiding.

Rapporten

De rapporten die we van de vierjaarlijkse onderzoeken maken zijn aangepast. Zo zijn de rapporten gericht op de geïntegreerde bestuursstandaarden en besteden we aandacht aan de ambities van besturen in relatie tot de vertaling van de maatschappelijke opdracht voor hun specifieke context. De rapporten bevatten geen deelrapportages meer van verificatie-activiteiten op scholen en opleidingen.

Trefwoorden