Beleidsdocumenten

Blog: Reflectie op de 25 punten van minister Slob - door Astrid Ottenheym

  • 1 dec
  • PPO-NK
  • 151

Deze week heeft de Tweede Kamer ingestemd met het 25 puntenplan van minister Slob. Hiermee is de evaluatie van passend onderwijs tot een einde gekomen.

Er zijn denk ik maar weinig beleidsterreinen waar in de evaluatie zoveel is onderzocht. Er zijn tientallen studies uitgebracht. Het proces was robuust en complex maar ook noodzakelijk gezien de probleemanalyse (zie tekening) en de vele belanghebbenden met elk hun eigen wensen en opvattingen. Volgens Sietske Waslander (2018) is ‘passend onderwijs een kruipend concept dat uitdijt aan wat we eronder verstaan’.

Het verbeterplan is tot stand gekomen met inbreng van alle landelijke partijen, als de PO-Raad, Ouders & Onderwijs, Onderwijsraad, , Inspectie, ministerie van VWS en vele gespreksronden en inspraakmogelijkheden, zoals het bezoek van de minister aan Noord-Kennemerland. Alle partijen willen dat de decentralisatie van passend onderwijs zich verder kan ontwikkelen en dat niet het hele stelsel overboord gaat.

Waarom dit verbeterplan?

Met dit plan wil de minister de verbeterpunten die bij de evaluatie naar voren zijn gekomen aanpakken. Daarnaast wil hij stapsgewijs toewerken naar steeds inclusiever onderwijs. Hiermee wil hij het fundament van passend onderwijs verstevigen en werk gaan maken van de VN-verdragen Rechten van het Kind en Personen met een Handicap. Het huidige onderwijssysteem werkt immers segregatie in de hand (Onderwijsraad, 2019).

De minister spreekt van onderwijs voor alle leerlingen, met of zonder ondersteuningsbehoeften die vaker samen naar dezelfde school moeten gaan, dichtbij huis en elkaar ontmoeten op het schoolplein. Het liefst maakt straks niemand onderscheid in regulier en speciaal onderwijs. Kortom diversiteit op school moet de norm worden met als leidend principe ‘samen leren leven’.

Een ontwikkeling waarmee wij al stapsgewijs aan de slag zijn, met de netwerkgroep “Samen Leren Leven” als motor. Tijdens het Passend Onderwijscafé van 23 november jl. bleek weer dat alle deelnemers van leerkracht tot bestuurders hiervoor willen gaan. Dit is belangrijk want door de stijging van de verwijzingen naar s(b)o hebben wij een flinke opdracht en is het nodig dat we inclusiever gaan denken en werken.

Een ander voornemen van de minister is om een landelijke, wettelijk verankerde norm in te voeren voor de basisondersteuning. Hij vindt het belangrijk dat onduidelijkheid en rechtsongelijkheid door regionale verschillen bij ouders, leraren en leerlingen wordt ingeperkt. Hoe deze landelijke norm eruit gaat zien is nog onduidelijk. Er is een landelijke expertgroep samengesteld die samen met diverse stakeholders voorstellen gaat formuleren.

Het verbeterplan en PPO-NK

Tussen de 75 samenwerkingsverbanden voor het PO bestaan grote verschillen. Immers het beleid wordt gevormd samen met scholen, schoolbesturen en gemeenten uit de regio. Hierdoor zijn de 25 verbeterpunten voor het ene samenwerkingsverband meer van toepassing dan voor andere. In de brief van de minister worden wij twee keer genoemd als best practice: de manier waarop wij werken en ons oudersteunpunt.

Inspraak en transparantie

Wij hebben onze gemeenschap als een netwerk en vanuit een onderzoekende en lerende dialoog vormgegeven. Inspraak bestaat bij ons vooral uit samenwerking en co-creatie. Met professionals van scholen, gemeenten, ouders werken we samen in thematische netwerkgroepen en in de acht werkgebieden.

In de werkgebieden werken de scholen boven-bestuurlijk samen met een eigen budget voor passend onderwijs. Een budget die scholen gezamenlijk besteden op basis van de behoefte in hun werkgebied. Deze samenwerking is cruciaal, ook voor de weg naar inclusiever onderwijs. Onze werkwijze ziet de minister als voorbeeld.

Een ander voorbeeld van wat een netwerkgroep bij ons tot stand kan brengen is onze netwerkgroep oudersteunpunt. Zij hebben het eerste landelijke oudersteunpunt voor passend onderwijs ingericht. Naar ons voorbeeld wil de minister nu dat alle samenwerkingsverbanden een dergelijk steunpunt gaan ontwikkelen.

De minister vindt daarnaast ook dat de samenwerkingsverbanden moeten werken aan meer transparantie en verantwoording. Waaraan geven zij hun geld uit, hoe staat het met de reserves en hoe zit het met hun governance? Onze website is al vanaf het begin onze boekenkast. Daarin staat voor iedereen de verdeling van de onderwijsondersteuning, de overhead, reserves en onze begrotingen en jaarrekeningen. En sinds 2019 werken we al met een volledig onafhankelijk interne toezichthouder (Raad van Toezicht).

Versterken leerkrachten voor passend onderwijs

Het professionaliseringsmodel is verankerd in hoe wij met z’n allen de zaken organiseren. Dit doen we niet door een algemeen aanbod van scholing uit te strooien, maar op basis van de behoefte van scholen. Er zijn genoeg voorbeelden variërend van binnen een arrangement van een kind, of binnen de werkgebieden, als ook op regionaal niveau, zoals “Wegwijs in Gedrag”.

Rechten van het Kind

Leer- en hoorrecht staan nu op de agenda van de minister. Super belangrijk, het gaat per slot van rekening om het leven en de toekomst van het kind zelf met ouders die belangrijke en langdurige steun kunnen bieden. Wij als professionals zijn passanten, die het verschil kunnen maken voor de toekomst van een kind door de juiste steun op de juiste wijze met de juiste bedoeling vanuit een gelijkwaardig perspectief te bieden. We zien dat steeds meer kinderen meedoen aan het multi disciplinair overleg en de kindgesprekken. Ook wordt er dit jaar een pop-up kinderraad georganiseerd. De scholen zijn super enthousiast en de organisatie is in volle gang. We verwachten dat we veel kunnen leren van kinderen om het nog beter te doen.

Succes van passend onderwijs

Ook wij zien uit de lijst van 25 verbeterpunten diverse zaken die om (door) ontwikkeling vragen. Deze zullen we medio 2021 belichten in ons nieuwe ondersteuningsplan 2021-2025 waarvoor we nu dialoogsessies organiseren.

We zullen nieuwe stappen zetten naar inclusiever onderwijs, naar minder strak gescheiden systemen tussen regulier en speciaal onderwijs en naar nog stevigere samenwerking tussen onderwijs en de jeugdzorg (gemeenten) om passend onderwijs echt te doen slagen. Oplossingen vinden we vooral vanuit meervoudig perspectief en door een cultuur van samenwerking en co-creatie.

Ik geloof niet zo in een blauwdruk met piketpalen. Passend onderwijs is een beweging van mensen die samen willen optrekken en gaan voor dat ene doel Perspectief voor ieder kind. Grote structuurveranderingen als passend onderwijs vragen tijd en hangen sterk af van de intrinsieke motivatie, cultuur en de manier waarop men echt in de praktijk samen wil optrekken.

Een cultuur van samenwerking, onderling vertrouwen, compassie, onderzoeken, het afstemmen van beleid, durven experimenteren; leren ons hoe we het steeds beter kunnen doen voor kinderen. In de verbinding zit onze kracht. Vanuit deze visie zullen we onze maatschappelijke opdracht blijven vervullen ook na de evaluatie. Passend onderwijs is en blijft vooral mensenwerk.

Wil je een reactie geven? Meld je dan eerst aan

Trefwoorden

Wij maken gebruik van cookies voor onze service. Bezoek je onze website dan ga je akkoord met de cookies.